Clicky


82. Overhuizen

82. Overhuizen
17-01-2013 15:53 | Columns | auteur Marcel Heinsbroek
In ieders leven komt het wel een paar keer voor: het veranderen van woning. De ene stulp wordt, met medeneming van alle huisraad, verruild voor een ander paleis. De bijbehorende actie, het overbrengen van meubeltjes en dergelijke van pand A naar pand B noemen we: verhuizen. Er is een hele bedrijfstak omheen ontstaan. Menig (niet-) Erkende Verhuizer verdient er zijn brood mee. Nou verdient een broodbakker met broodbakken ook zijn brood, maar dit is Transport Online en niet Bakker Online of, ingeval van een teveel van zijn eigen handel snoepende banketmaker of taartenbouwer, Bakker Aandelijn.
Heeft u er, als bewoner van een gebouw dat middels heipalen met de ondergrond is verankerd, wel eens over nagedacht hoe onze mobiel levende medemens zo'n verhuizing aanpakt? Een binnenschipper belt echt geen verhuisbedrijf. Laat mij dit proberen uit leggen.

U (neem ik aan) en ik wonen in een stenen omhulsel dat zeker oké is, vandaar de term 'Vastgoed'. In aardbevingsgebieden noemt men dat 'hopelijk Vast+goed'. Soms willen we een andere woning; vanwege gezinsuitbreiding, een nieuwe werkomgeving of zomaar voor de lol. Wanneer de oude woning verkocht is, maar de nieuwe woning nog niet klaar (schreef hij, met 2x ervaring) dient men in de tussentijd een tijdelijk onderkomen te betrekken. Dit kan alles zijn van een doorwaaiwoning tot een anti - kraakbehuizing, beiden met voornamelijk nadelen.

De eerste woonvorm dient toch enigszins opgeknapt en bewoonbaar gemaakt te worden wat tijd, geld en een hoop frustratie kost, de tweede woonvorm is tijdelijk, waarbij de lengte van dat ‘tijdelijk’ vaak volstrekt onbekend is. In alle voornoemde gevallen ga ik er vanuit dat de woningen niet gebruikt worden als werkplaats of arbeidsplek waarmee het inkomen verdient moet worden. De hierboven geschetste situatie en luxe kent een binnenschipper niet. Zijn schip is zijn woning en werkruimte. Met zijn huis vervoert hij goederen.

Een ander huis, lees: een ander schip wordt vaak alleen maar aangeschaft voor uitbreiding van de laadcapaciteit. Van het tussen het al verkochte schip en het al aangekochte maar nog niet varend zijnde andere schip in tijdelijk betrekken van een te huren varende noodwoning heb ik nog nooit gehoord. Nee, de schipper wacht tot zijn nieuwe of volgende rivierwoning beschikbaar is, legt zijn oude huis ernaast en sjouwt dan alle benodigde huis- en scheepsraad over van boot 1 naar boot 2. Mocht het een ‘woning’-ruil betreffen dan wordt het wel heel druk op de loopplank. Dit gesjouw, vrienden, noemt men in de binnenvaart niet vérhuizen, maar óverhuizen.

In de dertig jaar dat ik al werkzaam ben in het transport heb ik waarschijnlijk evenzoveel verschillende vrachtauto’s bereden. Ik heb dus vaak moeten overhuizen: mijn troep oversjouwen van de ene cabine naar de andere. Hebt u enig idee hoeveel zooi een chauffeur in, en voor zelfs maar, een paar dagen verzamelt en meesleept?

Hier wat van die dingen: een extra jas, navigatie in de vorm van kaarten of een machine, cd’s, eten voor onderweg, pen en papier, telefoon(s), kortom genoeg dingetjes om het in een van een korte stuurhut voorziene distributietruck net aan een dag uit te houden. Maar de trucks waar ik tegenwoordig mee rij zijn voorzien van een slaapcabine en op de een of andere manier vergaar ik dan dingetjes in het kwadraat. Alles is dan in meervoud aanwezig.

Door de aard van mijn huidige werk, het rijden met, en laden en lossen van, Vloeibare en soms Gevaarlijke Stoffen, komt daar dan nog een voorraad slangen, koppelingen en gevarenplaten bij, plus allerlei beschermingsmiddelen zoals een helm + één reservehelm, twee overalls, een emmer met opruimzand en de verplichte ADR - koffer met inhoud.

Mocht u denken dat chauffeurs die niet met vloeistoffen maar met pallets rijden het makkelijker hebben qua meezeulen van werkgerelateerde zaken, dan moet ik u teleurstellen. Door de huidige strenge regels voor wat betreft het lading zekeren, het vastzetten van de lading, verliezen transporteurs en hun chauffeurs laad- en leefruimte en laadvermogen aan het meenemen van stuw- en stopmateriaal zoals spanbanden en houtblokken.

Aan een vrachtautochassis hangt niet alleen een grote brandstoftank maar tegenwoordig ook vaak een AdBlue tank (uitlaatgasreiniging) en een truck in het vloeistoftransport sleept ook een compressor of pomp mee. Allemaal zaken die nodig zijn, maar ook veel ruimte innemen. Er is nauwelijks plek voor een opbergkist, dus zie je nog wel eens ingenieuze constructies achter de cabine, op de tranenplaat; emmers en kisten (met benodigdheden erin) die met touw en elastieken zijn vastgezet. Het verdiend meestal geen schoonheidsprijs, en of het allemaal veilig is?

Het is hoog tijd dat Brusselse wetgevers en Europese truckbouwers om de tafel gaan zitten om deze opbergproblematiek op te lossen. Verlengen van het trekkerchassis en het zo creëren van ruimte voor grote bagagekisten lijkt het makkelijkst, maar dan dient de maximale toegestane lengte voor vrachtwagens, feitelijk de trekkers, met minstens 50 centimeter te worden verhoogd, anders zet het geen zoden aan de dijk.

Mijn eerste overhuizing van dit jaar zit er op. Hopelijk ben ik voorlopig weer van af, want over een poosje weer overstappen levert het volgende probleem op: ik ben nu van een kleine auto naar een grote auto gegaan, dus ik ga ongetwijfeld meer 'bizniz' verzamelen, en dat moet een volgende keer allemaal mee verhuizen.

Marcel Heinsbroek