Clicky


91. Quibus Heiijynsbrouoeck

91. Quibus Heiijynsbrouoeck
03-06-2013 09:46 | Columns | auteur Marcel Heinsbroek
Geschiedenis is, zeg maar, helemaal mijn ding. Kijk maar naar voorstaande zin: een cliché zo groot als een werelddeel, slechter dan zo kan ik het niet verwoorden, maar wel waar. Een zin, waarin u het woord 'geschiedenis' kunt vervangen door andere woorden zoals 'taal'*, 'landschappen’, 'houtbewerking', 'huishouden' of 'kwantummechanica'. En ook een beetje onwaar, want het is niet zo dat ik geschiedenis gestudeerd heb, of dat ik met een schepje en stoffertje een eeuwenoud lijk aan het opgraven ben.

Nee, ik ben meer van het dromen; staand bij de ruïnes van kerken en kastelen zie ik voor mijn geestesoog de inrichting, de verdediging, de levensstijl van de rijke bewoners, maar ook de naar hedendaagse maatstaven mensonterende levensomstandigheden waarin de anderen, het gemene volk, zich in leven probeerden te houden. Even een taalgeschiedkundig weetje: van 'het gemene volk', het gewone volk, komt de term 'gemeente'. Vermoed ik.

Nee, qua geschiedenis heb ik mij altijd laten leiden door televisiedocumentaires en boeken, of de soms zeer bevlogen vertellers zoals drs. Frans Meijer; laatstgenoemde heeft de bij mij al bestaande interesse voor oude tijden niet zozeer aangewakkerd als wel extra opgestookt door zijn enthousiaste manier van vertellen.

Geschiedenis is vooral veel zoeken: opgraven, maar ook in archieven kijken en vinden en lezen en concluderen hoe onze voorvaderen hun dagelijks leven leefden. Zo kwam ik tijdens mijn zoektocht mijn voorvader Quibus Heiijynsbrouoeck tegen. Ja, gaat u maar even zitten voor de spelling: alle versies van de familienaam Heinsbroek komen er in voor. Deze al dan niet bestaande stamvader zou geleefd hebben ergens tussen 0 en 2013 AD, en toentertijd wagenvoerder zijn geweest: een vroege vrachtwagenchauffeur. Deze man hield, naar mijn beleving een dagboek, een soort van column, bij, en daaruit komt de volgende tekst, een beschrijving van wat deze man deed en bezighield, gedurende zijn werkdag. Op basis van onderstaande teksten heeft Roos Knöps, begenadigd tekenares, een artist impression gemaakt.

"Ick ende heb eene vat opchehaeld, vanwat de Britten een container noemen, met whijn, voor Vinci in Romeinïe, Latijns Europa, naar de persoon Leonardo, een kennisgaarder, die hey versinne lugtvaertuyge ende zulcks, komende voorts uyt seyne dranckgebruycke van deese container dhye ick nue brenge naer Rotteredamus.

Mhyn wegh is duyster, want sonder straetverligting: die ende bestaet noch nyet, en sal moete uytgefonde worde. Mhyne osse, sey syn witte, alwel dhen Hertogh hadt gesegt ick soude ende roodbruyne neme, maer ick wilde nyet, want witte kleure beter by dat donkrebruyne vat. Suyuist dye osse gelaeft by ene Foeterstelle fan Schelp, ende verkoper segde 'Wilt u spaeren punte?' ende hye maeckte met een aerdappel eene afdruck op een vel perckament, seggende: "Met meer afdrucke, u ende kryge kadoos, of cadeau's, of cadeaus, al wat U wille, soals handdoecke."

Maer whye wille dhat, want handdoeke is het chevolg fan wasse en rheynige en dat is gefhaerlyk for den gesondtheydt! Ghelukkich en blyde is mhyn kar noch heel: gheen leck whyel is mhyn deel, en daarom hadt ick niet en nodigh den KarrenWagt. Mhyn bril staet noch op mhyn neus: dese hy is fan haut, want ‘blestiek’ bestaet nyet, en chesleepen chlaasen oock nyet, dus wat ende mhoet ick met deese ding? Nau, ja, het sye mode, en daer ben ick oock fan! Hip, nyetwhaer, of is ‘hip’ eene wort uyt den 20e eeuw?

Mhyn wegh is noch langhe, fan in den lande naer den haefen, alwaer een schip ende klaerligt, om mhyn vat over te neemen, ende voormoemt vat naer mhyn couseyn te brenghen. Vermits schout en schepenen my nyet voortydigh stoppen en fraegen naer mhyne papyre, of my, te wegen eene te hooche snelheydt, mhy opschilderen ende laeter een reeckening stueren van enof te hardt ryeden. Het ende mhoet nyet gecker worden!"



Ick, eh, ik wil u slechts nog wijzen op de frappante gelijkenis tussen Quibus en mijzelve: oren, neus, en vooral: het (gebrek aan) haar: Roos Knöps heeft het helemaal goed verbeeld.

Marcel Heinsbroek

*Paulien Cornelisse: "Taal is, zeg maar, helemaal mijn ding".