92. Intermodale vakantie

17-06-2013 09:36 | Columns | auteur Marcel Heinsbroek
Mijn critici menen dat ik geen recht heb op vakantie, omdat heel mijn werk een groot feest is en, zeggen zij: vakantie is feest, dus heb jij (ik) geen vakantie nodig. Ik mag u wel verklappen dat ik zelf vind dat mijn hele leven één groot feest is, maar geen vakantie, en er is een groot en belangrijk verschil tussen werk en vakantie: het eerste lévert geld op, het tweede kóst vooral geld.
Dit jaar hebben mijn vrouw en ik het eens helemaal anders gedaan. Voor ons geen gestress rond het halen van vertrektijden, het mogelijk kwijtraken van koffers, of het eten van vreemde onduidelijke gerechten die vanaf je bord lijken terug te kijken. Wij zijn dicht bij huis gebleven en hebben deze periode van niksen benut om ons op zoveel verschillende manieren als voor ons mogelijk is, te (laten) vervoeren. Van het ene vervoermiddel over naar het andere vervoermiddel, zak maar zeggen. Met recht intermodaal vervoer.
We zijn een korte week bewoners geweest van een strandhuisje, op het strand (je verzint het niet) van Katwijk aan Zee. Met de auto er naar toe, en de fietsen mee op de trekhaak. 'Op', met een fietsdrager, niet 'aan', rammelend en stuiterend over de weg.
Wist u dat zee, zand en strand ook vervoermiddelen zijn? Torren, kwallen en andere badgasten laten zich graag door het water meesleuren naar (on)bekende diepten en oorden zoals de Noordzee of het culinaire 'Garrend van Arrend', en dat laatste is Katwijks voor 'Garnalen van Arend', maar in het Hollands smaakt, bekt en klinkt dat niet zo leuk en lekker als in het Kattuks.
We hebben nu al een paar modaliteiten gehad: lopen, fietsen en auto rijden. Maar wij hebben meer gedaan dan alleen maar luieren en verbranden aan de kust. Zo zijn we met een boot, met de ietwat misleidende naam de waterbus, naar Dordrecht gegaan. Vanaf de Rotterdamse Erasmusbrug is dat zo'n uurtje varen.
Net als een landbus stopt het schip bij diverse plaatsen, haltes genaamd. Het is een echte lijndienst, waarvoor je dan ook met je OV-chipkaart dient te betalen. Er zijn dan ook veel forenzen aan boord; werkvolk dat via het water de files op de autosnelweg omzeilt en zo ook geen last heeft van parkeerkosten- en problemen in de diverse binnensteden.
Er mag en kan niet eens een auto aan boord van de waterbus: louter lopers en fietsers troffen wij aan. In Dordrecht hebben we een rondvaart gemaakt met de Fluisterboot. Ik noem deze schuit zo omdat zo een zelfde vaartuig in Schiedam zo heet, letterlijk zelfs, en de Dordtse variant daarvan maakt ook geen herrie, want: ook elektrisch, en met dit bootje voeren wij door de grachten van Oud-Dordrecht.
De huizen langs deze grachten zijn niet door een kade van het water gescheiden. Iemand zou zomaar kunnen bedenken dat deze waterwegen gebruikt kunnen worden om middels bootjes de aangelegen winkels en woonhuizen te bevoorraden met goederen of brief- en pakketpost. Helaas heeft de gemeente Dordrecht dit nog niet bedacht, zo te zien. Dit is geen echt vers idee: in Utrecht worden cafés langs de grachten al jaren via het water bevoorraad, en het bootje waarmee dat gebeurt heeft de bijnaam 'De Zuipschuit' gekregen.
Maar goed, ook Dordrecht hebben wij weer verlaten, om een aantal dagen later op weg te gaan naar Volkel, een plaatsje in Noord-Brabant, vooral bekend van de militaire vliegbasis Volkel (welke denktank verzint die vliegveldnamen?) waar we de vliegshow van de Koninklijke Luchtmacht zijn gaan aanschouwen.
Ons vervoermiddel van Schiedam naar Volkel v.v.: de trein. Wat preciezer: met de trein naar Oss en van daar met de bus naar Volkel, en aan het eind van de dag weer terug met dezelfde machines. Ik moet zeggen; het viel me niet tegen, die trein. Station Schiedam* is amper vijf minuten lopen van mijn huis af, en met het vooruitzicht van files rondom de Parel Van Brabant en het gedoe van het zoeken van een parkeerplek aldaar, plus het feit dat het, voor een enkel keertje, niet eens zo duur is zon treinkaartje, is de trein geen slecht alternatief. Vermits u, zoals wij, eerste klas reist. Het moet wel leuk blijven.
Op Volkel heb ik NIET het vliegtuig gepakt. Geen beginnen aan: ze gingen veel te hard. En het kabaal wat ze produceren Maar mooi om te zien.
Wat zijn de verdere vervoersplannen voor de laatste week van onze vakantie. Wel, met de metro naar Rotterdam om daar in de bioscoop een film over ruimtevaart en ruimteschepen te bekijken; een waterfietstochtje op de Bergse Plas; een jeepsafari in een dierenpark en een voettocht van 500 meter naar een zonnig terras hier om de hoek.
Natuurlijk wil ik u mijn vakantiefotos niet onthouden, zijnde:
Een zonsondergang in Katwijk aan Zee:

Maar de kers op de vakantietaart, dat ene moment dat ik nooit meer vergeten zal, komt toch van Volkel. Het betreft hier een foto van één de belangrijkste leden van de Red Arrows, het stuntvliegteam van de Royal Air Force, de Luchtmacht van Groot-Brittannië:

Ik ben vrachtwagenchauffeur, en ik blijf vrachtwagenchauffeur, ook in mijn vakantie. En na mijn vakantie? Gewoon weer aan de slag en mijn geld verdienen met het overbrengen van tankcontainers van de zeeterminal naar de spoorterminal: als een ware Jan InterModaal.
*Ook nu weer niemand die iets leuks kon verzinnen als naam voor deze plek? Jeneverstein? Halte 'De Zes Molens'? Station Hoek van Holland-Binnen?
Dit jaar hebben mijn vrouw en ik het eens helemaal anders gedaan. Voor ons geen gestress rond het halen van vertrektijden, het mogelijk kwijtraken van koffers, of het eten van vreemde onduidelijke gerechten die vanaf je bord lijken terug te kijken. Wij zijn dicht bij huis gebleven en hebben deze periode van niksen benut om ons op zoveel verschillende manieren als voor ons mogelijk is, te (laten) vervoeren. Van het ene vervoermiddel over naar het andere vervoermiddel, zak maar zeggen. Met recht intermodaal vervoer.
We zijn een korte week bewoners geweest van een strandhuisje, op het strand (je verzint het niet) van Katwijk aan Zee. Met de auto er naar toe, en de fietsen mee op de trekhaak. 'Op', met een fietsdrager, niet 'aan', rammelend en stuiterend over de weg.
Wist u dat zee, zand en strand ook vervoermiddelen zijn? Torren, kwallen en andere badgasten laten zich graag door het water meesleuren naar (on)bekende diepten en oorden zoals de Noordzee of het culinaire 'Garrend van Arrend', en dat laatste is Katwijks voor 'Garnalen van Arend', maar in het Hollands smaakt, bekt en klinkt dat niet zo leuk en lekker als in het Kattuks.
We hebben nu al een paar modaliteiten gehad: lopen, fietsen en auto rijden. Maar wij hebben meer gedaan dan alleen maar luieren en verbranden aan de kust. Zo zijn we met een boot, met de ietwat misleidende naam de waterbus, naar Dordrecht gegaan. Vanaf de Rotterdamse Erasmusbrug is dat zo'n uurtje varen.
Net als een landbus stopt het schip bij diverse plaatsen, haltes genaamd. Het is een echte lijndienst, waarvoor je dan ook met je OV-chipkaart dient te betalen. Er zijn dan ook veel forenzen aan boord; werkvolk dat via het water de files op de autosnelweg omzeilt en zo ook geen last heeft van parkeerkosten- en problemen in de diverse binnensteden.
Er mag en kan niet eens een auto aan boord van de waterbus: louter lopers en fietsers troffen wij aan. In Dordrecht hebben we een rondvaart gemaakt met de Fluisterboot. Ik noem deze schuit zo omdat zo een zelfde vaartuig in Schiedam zo heet, letterlijk zelfs, en de Dordtse variant daarvan maakt ook geen herrie, want: ook elektrisch, en met dit bootje voeren wij door de grachten van Oud-Dordrecht.
De huizen langs deze grachten zijn niet door een kade van het water gescheiden. Iemand zou zomaar kunnen bedenken dat deze waterwegen gebruikt kunnen worden om middels bootjes de aangelegen winkels en woonhuizen te bevoorraden met goederen of brief- en pakketpost. Helaas heeft de gemeente Dordrecht dit nog niet bedacht, zo te zien. Dit is geen echt vers idee: in Utrecht worden cafés langs de grachten al jaren via het water bevoorraad, en het bootje waarmee dat gebeurt heeft de bijnaam 'De Zuipschuit' gekregen.
Maar goed, ook Dordrecht hebben wij weer verlaten, om een aantal dagen later op weg te gaan naar Volkel, een plaatsje in Noord-Brabant, vooral bekend van de militaire vliegbasis Volkel (welke denktank verzint die vliegveldnamen?) waar we de vliegshow van de Koninklijke Luchtmacht zijn gaan aanschouwen.
Ons vervoermiddel van Schiedam naar Volkel v.v.: de trein. Wat preciezer: met de trein naar Oss en van daar met de bus naar Volkel, en aan het eind van de dag weer terug met dezelfde machines. Ik moet zeggen; het viel me niet tegen, die trein. Station Schiedam* is amper vijf minuten lopen van mijn huis af, en met het vooruitzicht van files rondom de Parel Van Brabant en het gedoe van het zoeken van een parkeerplek aldaar, plus het feit dat het, voor een enkel keertje, niet eens zo duur is zon treinkaartje, is de trein geen slecht alternatief. Vermits u, zoals wij, eerste klas reist. Het moet wel leuk blijven.
Op Volkel heb ik NIET het vliegtuig gepakt. Geen beginnen aan: ze gingen veel te hard. En het kabaal wat ze produceren Maar mooi om te zien.
Wat zijn de verdere vervoersplannen voor de laatste week van onze vakantie. Wel, met de metro naar Rotterdam om daar in de bioscoop een film over ruimtevaart en ruimteschepen te bekijken; een waterfietstochtje op de Bergse Plas; een jeepsafari in een dierenpark en een voettocht van 500 meter naar een zonnig terras hier om de hoek.
Natuurlijk wil ik u mijn vakantiefotos niet onthouden, zijnde:
Een zonsondergang in Katwijk aan Zee:

Maar de kers op de vakantietaart, dat ene moment dat ik nooit meer vergeten zal, komt toch van Volkel. Het betreft hier een foto van één de belangrijkste leden van de Red Arrows, het stuntvliegteam van de Royal Air Force, de Luchtmacht van Groot-Brittannië:

Ik ben vrachtwagenchauffeur, en ik blijf vrachtwagenchauffeur, ook in mijn vakantie. En na mijn vakantie? Gewoon weer aan de slag en mijn geld verdienen met het overbrengen van tankcontainers van de zeeterminal naar de spoorterminal: als een ware Jan InterModaal.
*Ook nu weer niemand die iets leuks kon verzinnen als naam voor deze plek? Jeneverstein? Halte 'De Zes Molens'? Station Hoek van Holland-Binnen?
