102. Top, mensen!
Lang geleden kende de maatschappij nog het verschijnsel rangen en standen. De wereld was verdeeld in groepen, kastes, kringen, clubs, lagen, partijen en wat voor soort namen dan ook die we aan de (onder-) verdeling van mensen willen toekennen. Reizen wij af met onze Tijdmachine naar het begin van de Prehistorie, dan vinden wij daar de eerste en simpelste verdeling die er is: ‘groot en klein’, ook wel ‘eten of gegeten worden’ genoemd.
Hoe makkelijk wilt u het hebben: de Gigantosaurus kwam de Minilodocus tegen en de honger van de eerste werd met het verscheiden van de tweede opgelost. Er waren ook hele grote dinosaurussen die geen vlees, maar planten en bomen aten, maar dan zat er vast wel, min of meer per ongeluk, een Tyrannosaurus Rups tussen, of een Sabeltand eekhoorn.
Laat ons gelijk maar de sprong maken naar het verschijnen van Apus Humanus, de Menselijke Aap. Deze voorloper van de de Homo Erectus (…nee…) en de Neanderthaler had een woordenschat en een daarbij behorend lijfsbehoud die neerkwam op: ik, knots, jij, niet, ik, baas, hebbes, eten, vrouw, paren, zij, bazin. Tegenwoordig noemen wij mannen dat: versieren, maar dat even terzijde. Nu slaan u en ik weer een paar millenia over en komen in die periode uit die wij thans, in de 21e eeuw, de Middeleeuwen noemen.
Thans, ja, want nu zeggen wij dat de Middeleeuwen tussen de jaren 500 en 1500 liggen, maar zeggen ‘ze’ dat in het jaar 6034 nog? Nee, natuurlijk niet. Voor wie dan leeft, dan zorgt liggen de Middeleeuwen ergens plus of min 500 jaar en nog wat dagen rond 6034:2= het jaar 3017, zijnde de periode 2500-3500. U ziet het; bij Transport Online leert u nog eens wat.
Goed, de huidige Middeleeuwen. Er zijn koningen, keizers, grootgrondbezitters, pausen, bisschoppen, graven, hertogen, en veel, heel veel heel arme mensen. Deze arme mensen worden ook wel het gemene volk genoemd: de gemeente, jawel! Dit gemene volk wordt hardhandig onder de duim gehouden dan wel onder de voet gelopen door de rijken en machtigen van de dan bekende Aarde. Niet zo gek dat de bevolking dan gemeen(te) wordt.
Wie rijk is heeft macht, wie arm is, is en blijft machteloos. Sommige armen werken zich ietwat op, maar horen er op een hogere trede van de maatschappelijke ladder nooit echt bij; rijken die het wat minder gaat verliezen weliswaar wat van hun geld, maar nooit helemaal hun status. Er is, dat moge duidelijk zijn, een scheiding tussen hoog- en laaggeplaatste mensen. De grens is geld. En geld is macht. Macht is status. Geld is ook status, maar net een beetje anders.
Er is nog een grens. Man. Vrouw. Deze grens blijft tot ver in de 20ste eeuw bestaan. Vanaf ons huidige jaar 2013 is het echt nog niet zo lang geleden dat veel mannen dachten dat vrouwen een geestelijk mindere soort waren; dat het vrouwelijk brein oververhit zou raken bij het proberen te begrijpen van financiële en politieke zaken.
Gelukkig leven we nu in het Verlichte Jaar 2013. We kennen nauwelijks nog klassenverschil. Goed, er lopen nog wat koningen en koninginnen rond, zelfs hier en daar een keizer, zo in de wandelgangen nog wat presidenten en premiers, maar de echt machtigen zijn vandaag de dag de CEO’s en Hoofden van Bedrijven: de Topmensen. Mannen en vrouwen die met een simpel ‘Ja’ of ‘Nee’ een persoon of zelfs een heel bedrijf op kunnen stuwen in de vaart der volkeren, of compleet ten gronde richten.
Zij zijn de Topmannen en Topvrouwen van vandaag. Er zijn ook wel wat Topcriminelen, maar dat is gewoon fout taalgebruik: iets wat slecht is, een crimineel, kan nooit Top zijn. Daarentegen kan iets wat wij Dal (dus lager dan Top) noemen, juist wel goed zijn omdat het korting oplevert, goedkoper is: de Dal-urenkaart van de NS.
Regelmatig kom ik mensen in topfuncties tegen. Bergbeklimmers, dakdekkers, maar ook kraanmachisten op de containerterminals. En natuurlijk hun bazen; diegenen die u en ik alleen kennen van de verhalen over vette bonussen en zo. Vooralsnog hebben zij allen het zelfde doel: u en mij aan het werk houden.
Maar zelfs in de huidige tijd is er op dat hoge niveau nog verschil tussen mannen en vrouwen. Weet u het verschil tussen een Topman en een Topvrouw? Niet het salaris, niet het Glazen Plafond, niet de durf en hardheid om beslissingen te nemen; nee, het grootste verschil is het volgende: als de Topman thuis komt, gooit hij zijn kleding in de wasmand. Als de Topvrouw thuiskomt háált zij alles uit de wasmand en gooit het in de wasmachine.
Op de werkvloer mogen de verschillen steeds kleiner worden; thuis is er maar weinig veranderd, de laatste 300duizend jaar. Ook bij mij in huis. Mijn vrouw en ik zijn met z’n tweetjes: ik ben dus ver in de minderheid.
Marcel Heinsbroek
¹Collateral damage, zoals de latere Homo Brittanicae zouden zeggen.²
²Bijkomende schade, aldus de Homo Assurantii.
Gaat u alstublieft alle wetenschappelijke kreten en Latijnse woorden niet opzoeken. Deze termen staan wel in een boek, maar ik heb het nog niet af, dus even geduld graag.
